Vleugels maken

Schuimfolie

Op mijn werk ben ik bezig met het maken van een aantal vleugelbranders om betere vleugelvormen te maken. Met de schaar gaat prima maar met een vleugelbrander maak je mooier gevormde en ook kleinere vleugels. In de handel is schuimfolie verkrijgbaar, van die glanzende doorschijnende folie die als bescherming tegen stoten dienst doet en verkrijgbaar in diverse dikten maar meestal kom je de folie met een dikte van 2 en 3 mm tegen. Een collega had wat schuimfolie liggen dat uit een verpakking kwam, en met hem besprak ik een en ander over vleugels en materialen. Vaak is de folie te dik waardoor het voor vleugels onbruikbaar is, het zou dus mooi zijn wanneer je de folie zou kunnen aanpassen, misschien was verhitten met een strijkbout wel een optie. Ik zou het ‘s avonds gelijk gaan proberen. De stoomstand heb ik maar uitgelaten, droog strijken leek me het beste en wel met een stuk papier op de folie zodat ik niet in de problemen zou komen met de eigenares wanneer er per ongeluk een laag plastic vast smelt onder het apparaat.

Strijken

Tijdens het strijken smelt het schuim waardoor de bellenstructuur verdwijnt en er een dun vlies ontstaat. De glans die op de folie aanwezig is verdwijnt enigszins en het vlies krijgt een matte uitstraling. Afhankelijk van de temperatuur verdwijnt het drijfvermogen voor een deel. Het is niet noodzakelijk het te behandelen om het te laten drijven. Momenteel maak ik de vleugels van twee tot vier lagen folie en leg dit op een plaatje trespa om de tafel heel te houden. Op de folielagen leg ik een vel bakpapier waar ik met de strijkbout overheen strijk. Gewoon papier werkt ook maar dit kleeft iets meer aan de gesmolten folie waardoor het eerder stuk gaat tijdens het losmaken. Een extra vel gewoon papier over het bakpapier heeft wel weer als voordeel dat de hitte van de strijkbout iets wordt getemperd en het smelten iets rustiger gaat. Wanneer de temperatuur verlaagd wordt ontstaat er een zachter product dat nog iets van bellenstructuur in zich behoud en beter drijft en het materiaal houd een glanzende wittere structuur. Bij een hogere temperatuur ontstaat er een harder vlies dat matter van kleur is. Ook de tijdsduur van het strijken is van invloed op de hardheid van het vlies dat ontstaat en vooral bij hoge temperaturen trekt de folie meestal krom. Dit is niet echt een probleem, meestal maak ik een linker en rechter vleugel die dan mooi gespiegeld zijn. Om het vel vlak te krijgen kun je voorzichtig opnieuw strijken met een eventuele extra laag foam. De lagen folie kleuren met watervaste viltstift en daarna strijken geeft mooie effecten en er ontstaan soms onverwacht mooie patronen. Ook materialen zoals haren en veren kunnen zonder meer tussen de lagen folie worden versmolten hetgeen een enorme variatie aan mogelijkheden biedt. Zeker een bosje hertenhaar tussen de folie geplaatst levert een mooie generfde vleugel op. Gebruik met veren en haren wel bakpapier want met gewoon papier trek je het materiaal dan snel stuk. Verder blijft het gewoon proberen en is het afhankelijk van temperatuur, snelheid en tijdsduur hoe het eindproduct eruit komt te zien. Wanneer je de vleugels met een vleugelbrander afwerkt en deze heel heet maakt dan smelt de folie helemaal samen zodat er een plastic glanzende folie ontstaat zonder structuur, mooi voor glanzend transparante spinner vleugels.

Huishoud folie

Korte tijd nadat ik was begonnen met het maken van vleugels uit schuimfolie, kocht ik bij Traditional in Utrecht een flyfishing&flytying (februari 2013) waarin  artikel stond over het maken van vleugels uit huishoud folie. Deze methode werkte op min of meer de zelfde manier als ik die toepas op schuimfolie. De schrijver (Gavin MacLean) maakte zijn vleugels van enkele lagen huishoudfolie die hij kreukelt, eventueel kleurt en door de lamineermachine draait. De vellen die hierbij ontstaan gebruikt hij voor vleugelmateriaal. Na bewerken in een vleugelbrander zorgen de gesmolten randen voor een stevig frame langs de rand van de vleugel. Na wat contact te hebben gehad via internet en ervaringen te hebben uitgewisseld zijn we beiden met een verbrede visie met de materialen aan de slag gegaan. Beide materialen zijn gemaakt van polyethyleen en ze kunnen prima door elkaar worden gebruikt. Wanneer je een laag schuimfolie bedekt met huishoudfolie smelt dit prima samen tot een laag wanneer je dit door een lamineer apparaat haalt of er de strijkbout overheen haalt. Ook het materiaal dat gebruikt wordt om bijvoorbeeld materiaal op pallets mee te fixeren, wikkelfolie, is goed te gebruiken. Door deze drie materialen te gebruiken met hun diverse eigenschappen kun je voor veel kunstvliegen je eigen vleugels, body materiaal, dekschildjes, enzovoorts maken. Het huishoudfolie en wikkelfolie is erg mooi om heel fijne transparante vleugels van te maken. Wanneer het wat gekreukeld is geeft het na lamineren een mooie generfde vleugel. Wikkelfolie is iets dikker en maakt een iets harder vlies na lamineren en is in een vleugelbrander iets minder makkelijk te smelten dan huishoudfolie.

Veren in folie verwerken

Voor het verwerken van veren in folie kan heel goed zoomband gebruikt worden. Zoomband is een vezelachtig weefsel dat smelt wanneer je het verhit en daarna weer stolt als een lijm bij afkoeling. Het wordt gebruikt om broekspijpen en mouwen mee op lengte te maken. Ik maak eerst een dubbele gelamineerde laag huishoudfolie, hierop leg ik een laagje zoomband, daarop de veer, hierover weer een laagje zoomband en bovenop afgedekt met weer een laagje huishoudfolie. Even lamineren met de strijkbout op de stand wol-zijde met een laagje bakpapier tegen vast smelten en de veer is voorzien van een duurzame buitenkant en de vleugel zal niet uit elkaar gaan zoals dat vaak het geval is.

Realistische vleugels

Tijdens mijn zoektocht naar allerlei materialen om vleugels van te maken kreeg ik het idee om een print op folie te maken zodat een redelijk realistische vleugel het eindresultaat was. De imitaties die gebonden worden zien er steeds realistischer uit en met het uitgebreide aanbod aan (kunststof) bindmateriaal worden zeer goed gelijkende kunstvliegen gemaakt. Of het nodig is om realistisch te binden is maar de vraag want met een “gewone” compara dun, hertenharen caddis of killerbug vang je op het juiste moment net zo goed. Voor de vleugelbranders die ik heb gemaakt zocht ik dus een mogelijkheid om materiaal te gebruiken dat er goed uitziet, duurzaam is en makkelijk verkrijgbaar voor een mooie prijs. 
Het probleem met printen op folie is dat het dusdanig glad is dat de inkt er niet op hecht en je het er gewoon weer af kan wrijven. Zelf bezit ik alleen een inkjetprinter maar een collega (Maurice bedankt) was bereid me te helpen met wat testen op zijn laserprinter. Met laserprinten ontstaat het probleem dat er dusdanig veel hitte bij vrij komt dat sommige folies smelten, een enkele keer was het resultaat redelijk maar het was niet goed onder controle te krijgen. Gelukkig is de laserprinter heel gebleven, bij een soort folie was de hele zaak gesmolten en vast komen te zitten op de rollen van de printer. Niet zomaar doen dus.

Na veel lamineren en testen heb ik een mooi materiaal gevonden waarvan stickers worden gemaakt, je kunt ze bedrukken met een inkjetprinter al zijn de meeste vellen die je kunt vinden geschikt voor laserprinters. Ik kocht via ebay vellen bij de Duitse webwinkel ac-concept maar ook Herma en Avery leveren dit soort vellen, zoek op “transparante folie etiketten a4”. Let wel op dat je de versie voor inkjetprinters neemt (de meeste vellen zijn gemaakt voor laserprinters en kopieermachines) tenzij je met een laserprinter wilt afdrukken natuurlijk. Ook overheadsheets zijn hiervoor prima bruikbaar al zijn deze wel veel harder en meestal veel dikker.

De printinstellingen zet ik op “speciaal papier-beste kwaliteit”. Print wel eerst even een concept op gewoon papier om te kijken of het resultaat goed is. De stickervellen zijn van een redelijk dunne folie gemaakt (0,05mm) die niet rekbaar is maar wel flexibel (overheadsheets zijn veel harder) en de achterzijde van de folie is voorzien van een kleeflaag. Na het bedrukken verwijder je de beschermlaag aan de achterzijde waarna ik een laagje huishoudfolie over de plakzijde heen zet. De huishoudfolie sla ik daarna over de geprinte zijde waarna met de strijkbout de hele sandwich word gelamineerd. Zo bescherm je de print aan de bovenzijde tegen losweken. Voor laserprinters zijn meer soorten folie beschikbaar, onder andere een watervaste oudoorfolie, ook 0,05mm dik. Bij de folie voor laserprinters is het niet nodig de geprinte kant te sealen met een laag huishoudfolie. Omdat de folie transparant is komt de kleur soms wat zachter over dan gewenst, het heeft als het ware een achtergrond nodig om goed tot zijn recht te komen. Om dit op te lossen kleur ik de laag huishoudfolie met een merkstift die ik daarna tegen de achterzijde van het stickervel plak waardoor je precies de kleur kunt benaderen van het insect dat je wilt nabootsen. Ook gewone transparante matte folie zoals bijvoorbeeld een boterhamzakje laat de kleuren van de stickerfolie al goed naar voren komen zonder deze met een stift bij te kleuren.
Bij elke set vleugelbranders wordt een bestandje geleverd om zelf deze vleugels te kunnen maken.  De vleugelvormen om te printen zijn pas gemaakt voor mijn vleugelbranders en ze zijn iets oversized zodat de uitstekende randen mooi weg worden gebrand. Knip wel altijd zoveel mogelijk materiaal weg en smelt de laatste restjes weg met de aansteker. Lastige hoekjes zoals bijvoorbeeld bij de kokerjuffer, waterjuffer of de haft zijn heel goed weg te branden met een hete dubbingnaald. Er zijn ook heel fijne soldeerboutjes voor te krijgen maar een naald werkt prima.

Het voordeel van printen met een laserprinter is dat de print er niet afgaat, het zit er echt in gebrand, je hoeft de printzijde niet te lamineren met de strijkbout en huishoudfolie, alleen de klevende achterkant moet worden voorzien van een al dan niet gekleurde of matte laag. Je kunt ook met terpentine de lijmlaag verwijderen om alles zo dun mogelijk te houden. Printen met laser is alleen lastiger omdat er in de printer nogal wat warmte ontstaat dat voor problemen kan zorgen. De eerste print bijvoorbeeld met bovenstaande folie voor laserprinters ging goed maar de tweede vervormde toch iets door de warmte waardoor het hele vel om de rol in de printer vast liep. Let dus op dat je de printer niet te warm laat worden. Bij AC-Concept heb ik het probleem voorgelegd en men adviseerde me om lagere instellingen te gebruiken, bijvoorbeeld standaard papier of kopieer papier. Met deze instellingen zal de printer instellingen voor dunner papier gebruiken en het materiaal sneller door de printer heen transporteren waardoor het minder warm wordt. Wij gebruikten een Samsung laserprinter die niet optimaal geschikt is voor het printen van folies of fotoprints. Van Bram van Houten kreeg ik het bericht dat het printen met deze instellingen op zijn laserprinter prima ging. Van Ron de Jonge kreeg ik prints gemaakt op een reproafdeling met professionele laserdrukkers gemaakt op dik overheadfolie. Deze prints zagen er geweldig uit al is de folie wel dik om te bewerken.

Printen met inkt heeft ook zijn voordelen, met name de afdrukkwaliteit is een groot voordeel. Een print met een inkjetprinter ziet er stukken strakker en voller van kleur uit dan met een laserprinter en je hebt geen last van problemen met hittevorming. Met inkt kun je zonder problemen gewoon fotokwaliteit printen. Het nadeel is dat het geprinte oppervlak moet worden beschermd omdat het er anders snel vanaf slijt op het water. De folie geschikt voor laserprinters is iets minder flexibel in vergelijk met de folie voor inkjet printers maar daarentegen wel volledig watervast.

Ik print mijn vleugels (wanneer ik dit van een print wil voorzien) thuis op een inkjet printer. Na het printen laat ik het vel drogen en verwijder met terpentine de lijmlaag. Hierna bedek ik beide zijden met huishoudfolie en lamineer dit met de strijkbout. Wanneer de vleugel uit de vleugelbrander komt smelt ik het resterende deel van de vleugel waar de aansteker niet langs is geweest, in een pincet of in de speciale vleugelbrander zodat de vleugel rondom is gebrand.  Tevens ontstaat er dan bijvoorbeeld bij de kokerjuffer en steenvlieg een mooie rand om overheen in te binden. De print is nu mooi beschermd door een extra laag folie en het geheel blijft dun en flexibel. Het is wel zaak de randen rondom goed te smelten. Als de vleugel in een bak water wordt ondergedompeld gedurende langere tijd kan er water inweken op de lijmlaag zodat de huishoudfolie losweekt. Goed ingevet heb ik in rustig water geen last van het losweken, vis je op turbulenter water dan heeft de lijmlaag toch de neiging los te weken.
Om dit op te lossen verwijder ik na het printen de lijmlaag met terpentine, daarna beide kanten lamineren met huishoudfolie. Dit is een 100% watervaste print gewoon met de inkjet printer gemaakt.
Het lijkt misschien veel werk maar wanneer je een avondje bezig bent heb je voor een heel lange tijd folie klaar liggen en de vrijheid om alles naar eigen wens aan te passen wanneer je een beetje handig bent met Photoshop.

Nog enkele tips

Knip de uitstekende randen rondom de vleugelbrander zoveel mogelijk weg en brand met een aansteker de restjes mooi rond. Bij inkepingen zoals bij de kokerjuffer kun je met de aansteker zover branden als gaat en dit zo laten. Je kunt ook met een hete naald de inkeping helemaal verder branden, dit gaat ook goed met een klein soldeerboutje. Oliver Edwards gebruikt hiervoor bijvoorbeeld een cauter, voor medische doeleinden geschikt apparaatje om huid mee weg te schroeien. Er zijn ook goedkope wegwerp cauters. Google maar eens op “cauterizing tool” of “cauter”. De vleugelbrander voor de waterjuffer heb ik gemaakt na het bekijken van het Orvis filmpje “Damsels in distress”. Het is meer een experimentele vleugelbrander geworden maar het resultaat is erg mooi. De ver naar binnen lopende inkepingen brand ik met een heel fijne gas soldeerbout, de Portasol P-1K. Dit is een gas soldeerbout met een fijne puntige vlam, je kunt hem vullen met aanstekergas. Met deze krachtige vlam smelt ik de hoekjes waar je met een gewone aansteker niet tussen komt. Wel bestaat het gevaar van oververhitting van de vleugelbrander met deze hete vlam, tussendoor even laten afkoelen is bij de vleugelbrander voor de waterjuffer een vereiste. Oververhitting komt overigens bij de andere vleugelbranders in combinatie met een aansteker vrijwel niet voor door de dikte van het materiaal van de vleugelbrander. Verwijder ook altijd de overgebleven restanten van de vleugel in het midden waar de schacht van de vleugelbrander zit. Door dit met de twee hulpgereedschappen te verwijderen zorg je voor een stevigere rand rondom en worden de gelamineerde lagen goed vast gezet.

Copyshop

Loop eens bij een reproshop of copyshop binnen en vraag of zij ook printen op folie. Ik haalde bij een reproshop A3 stickervellen die ik daar liet printen met high-end laserprinters voor €2,50 per vel. Voor €12,50 heb je 5 vellen voorzien van schitterende prints (10x A4), genoeg voor veel seizoenen vliegbinden. Volledig watervast en dezelfde dikte (0,05mm) als de vellen die ik in Duitsland bestelde zonder het extra werk van lamineren.
Bij een repro of copyshop kunnen ze je waarschijnlijk ook dunne overheadfolie leveren en deze bedrukken.

PLA, biologisch afbreekbaar

PLA is de afkorting voor de verzamelnaam polylactic acid, polymelkzuur in het Nederlands. Het gaat om kunststof dat wordt gemaakt uit maiszetmeel of suikerriet en is daarom biologisch afbreekbaar. Het wordt steeds meer toegepast als duurzaam alternatief voor op aardolie gebaseerde plastics. De produktiekosten zijn nog relatief hoog waardoor volledige vervanging (nog) niet aan de orde is.
Er zijn wat bedrijven die deze afbreekbare plastics leveren maar het bedrukken ervan is op dit moment mogelijk in een zeer beperkt kleurpalet. Wanneer je op verpakkingsmateriaal gaat letten zal je zo nu en dan hierop een logo tegenkomen met de mededeling dat het gaat om plastic dat composteerbaar is en dus bij het groene afval kan worden gedaan. Het reclamemateriaal dat ik door de brievenbus krijg zit vaak in een plastic folie verpakt en soms is hier ook een vermelding op dat dit biologisch afbreekbaar is.
Ik heb het een en ander bewaard en wist eigenlijk niet zo wat ik er mee moest. Eigenlijk verbrand het ook meer dan dat het smelt maar het idee van vleugels op mijn vliegen die niet schadelijk voor het milieu zijn dat liet me niet los.
Twee weken terug (begin januari 2019) ben ik de diverse PLA folies die ik heb opgespaard eens beter gaan bekijken en met de strijkbout gaan bewerken. De folie is goed te lamineren waardoor je zelf weer de mogelijkheid hebt om dikke en dunne folies te creëren. De temperatuur om te lamineren is wel veel hoger dan bij polyethyleen. Het eindresultaat wordt een wat knisperige hardere folie en sommige soorten worden echt heel hard met een soort craquelé, allemaal barstjes die zichtbaar worden.
Wanneer ik de gelamineerde PLA folies in wingburners ga bewerken valt me op dat de folie een beetje smelt maar ook verbrand. Hierdoor krijg je geen grote verdikkingen langs de randen. Wanneer je met knippen langs de wingburner wel eens per ongeluk te weinig folie wegknipt, kan dit voor een verdikking of een druppel langs de rand zorgen wanneer je de vleugel op maat smelt. Met PLA heb je dit probleem niet omdat het te veel aan materiaal ook wegbrand waardoor de gevormde rand mooi egaal en strak blijft. Hierdoor vind ik PLA een uitermate geschikt materiaal om echt kleine vleugels van te maken.
De S wingburner voor de Caenis bijvoorbeeld, is met polyethyleen echt de grens wat je nog netjes kan maken. Met PLA is dit geen probleem en ook de XS ziet er goed uit terwijl deze eigenlijk voor andere folie te lastig is.

 

Caenis XS hooksize #26 PLA wings